Ontwikkelingen in de samenleving volgen elkaar in een hoog tempo op. Wat vandaag geldig is, kan morgen al weer anders liggen. Deze veranderingen doen keer op keer een beroep op uw beroep.
Dat maakt de taak van een people-professional er niet eenvoudiger op. Meer dan in het verleden wordt de professional geconfronteerd met vraagstukken en problemen binnen de werkomgeving die hun wortels hebben in de maatschappij. De afgelopen jaren zijn heel wat maatschappelijke taken op het bordje van de people-professional komen te liggen.

Keer op keer wordt er een beroep gedaan op ons beroep.

Steeds meer aandacht wordt gevraagd van de professional die ten dienste van zijn of haar cliënten werkt en die rekening moet houden met de verschillen in achtergrond van die cliënten. Of het nu gaat om verschillen in maatschappelijke posities, persoonlijkheid, religie, culturele achtergrond, leren en gedrag; vaak gaat het herkennen en erkennen van die verschillen gepaard met verschillen in opvattingen over het werkdomein van de professional. Vragen en verwachtingen van de cliënt en van diens nabije relaties zijn daarbij eveneens een belangrijke bron van continu moeten bijstellen van het werk. Deze veranderingen en verwachtingen grijpen vaak diep in op de dagelijkse praktijk van de people-professional. Er lijkt steeds meer te moeten gebeuren. Klachten over toegenomen werkdruk zijn niet van de lucht.

Daarnaast wordt door de groeiende eisen en verwachtingen van de overheid de druk op sociale organisaties en people-professionals nog verder verhoogd. Het overheidsbeleid wordt steeds meer gedreven door een economische logica, waarin de normen van efficiëntie en effectiviteit een steeds prominentere en meer exclusieve plaats innemen. Hierdoor wordt het ontwerpen van het werk van de people-professional en het dagelijks uitvoeren door hen steeds meer ontkoppeld. Doelstellingen worden steeds meer gedefinieerd door instanties buiten de professionele werkomgeving (vaak in de vorm van protocollen met gedragsmatig geformuleerde criteria) waardoor de betrokkenheid van de people-professional bij zijn of haar werkzaamheden afneemt.

Tegelijkertijd worden de professionals onderworpen aan meer controle en verantwoordingsplicht. De externe prestatiedruk op hen neemt toe doordat ze meer en meer verschillende (opgelegde) beroepstaken moeten uitvoeren, zonder dat hiervoor voldoende tijd en middelen beschikbaar zijn. Zo ontstaat er minder ruimte voor creativiteit, voor collegiale relaties en voor het privé-leven. Deze druk op de people-professionals heeft een emotioneel belastende impact en kan leiden tot een chronische overbelasting (zowel tijdens de werkdag als erbuiten). De kwaliteit van de professionals wordt zo versmald tot observeerbare gedragsindicatoren die zij moeten tonen, en worden vastgelegd in de verschillende beroepsregisters. De dominante tendens van de afgelopen jaren, om de kwaliteiten van de people-professional op te splitsen in afvinkbare en observeerbare gedragingen leidt ertoe dat deze afvinklijsten worden gezien als de volledige omschrijving van de kwaliteit van die professional.

Gelukkig krijgt deze technisch-instrumentele invulling van beroepen steeds meer kritiek.
Steeds vaker wordt opgemerkt dat de standaarden of lijsten op zijn hoogst een idee geven van wat het betekent om een professional te zijn. Wat de professional goed maakt in zijn professie vraagt om meer dan dit observeerbare beroepsgedrag.
De morele dimensie van de professie bepaald of de competente professional een goede professional is. De professionele ethiek in het algemeen en de professionele idealen van de professional in het bijzonder vormen het morele kompas waardoor de competente professional een goede professional kan worden. De professionele idealen, de concepties wat goed leven is, wat goed burgerschap is, wat een goede professie is, enz. beïnvloeden de wijze waarop de people-professional zijn of haar competenties inzet.

Van de people-professionals wordt verwacht dat zij zich in dit zeer diverse en turbulente ‘landschap’ staande houden. Niet alleen doet dat een appèl op de bekwaamheden van professionals om cliënten te helpen zich te ontwikkelen, maar ook wordt het eigen moreel-ethisch besef van iedere individuele professional hierbij aangesproken. Waar staat de professional in het geheel van opvattingen en wat betekent dat in zijn of haar functioneren? En: Hoe wil elke individuele professional ertoe doen? Wat is voor hem of haar belangrijk in het uitoefenen van het werk?

Een duurzaam succesvolle professie is sterk verbonden met de dagelijkse praktijk waarin de professional moet werken. Een praktijk, waarin standaard oplossingen niet voldoen en de professional steeds weer zorgvuldige keuzes moet maken.

 

 

 

Terug